Column: Dé 7 tips die je wilt lezen als je gaat roadtrippen met je baby 

Zwanger of net bevallen en vakantieplannen voor volgend jaar aan het smeden? Op reis met een baby, kan dat dan? Jazeker! En hoe! Columniste Marijn maakte in september met een camper een roadtrip door Amerika met haar man en zoon van 10 maanden. Vier weken in een camper met een baby, langs 7 nationale parken. Hoe dan? Jetlag, de shit-load aan spullen, kamperen, slaapjes, eten… Je leest hier de MUST-follow tips. 

1. Huur een camper

Een camper heeft veel voordelen ten opzichte van een auto en hotels als je met een baby reist. Je hoeft niet elke dag je spullen van hot naar her te slepen. De camper is vertrouwd voor je kindje en hij heeft snel zijn eigen plekje. Je hebt meer ruimte voor voeden, verschonen en klauteren ten opzichte van een achterbank.

2. Jetlag: calculeer ‘m in!

Een jetlag kun je niet voorkomen. Ik wou dat ik kon zeggen wat je moet doen om het makkelijker te maken, maar er is geen pasklare oplossing. Ik heb ook gegoogled tot ik een ons woog, maar het enige juiste advies is: calculeer het in. Op de heenweg sliep zoonlief de derde nacht al goed. Maar vlieg je naar het oosten, dan moet je bij aankomst dus ‘de echte’ jetlag incalculeren.

Reis je richting het westen, dan is je jetlag een bitch bij terugkomst. Hoe lang die duurt? Een goede graadmeter is nog steeds een dag voor elk uur tijdsverschil. Dat klopte bij ons aardig. Met negen uur tijdsverschil sliep zoonlief na anderhalve week weer netjes door. Ik was heel blij dat ik drie dagen na thuiskomst pas weer hoefde te werken. En zelfs dat was de eerste dagen best heftig. Ik was van mijn jetlag af, maar dat aapje nog niet. Zzzz…

LEES OOK: Column: ‘Mijn gunfactor voor hem is inmiddels behoorlijk gedaald’

3. Rustig aan

De enige tip waar je echt wat aan hebt en die je echt ter harte moet nemen: doe het rustig aan! Klinkt logisch, en je neemt het je voor, maar je doet heel makkelijk te veel op zo’n reis. Thuis, tijdens het uitstippelen van je route, denk je dat je makkelijk een paar honderd kilometer op een dag kan rijden. DOE HET NIET! Probeer niet als een busreisjapanner zoveel mogelijk staten door te jakkeren, want dan heb je ‘alles’ gezien. Dan zie je dus niks. Neem je tijd. Zorgen voor je baby kost ook tijd. Je zult ziet dat je uk net op vakantie geen zin meer heeft om in het autostoeltje te slapen, dan moet je wel even stoppen voor de dutjes. Rijd maximaal 400 tot kilometer op reisdagen en zorg dat je ook af en toe een paar dagen op dezelfde plek bent.

4. Balans tussen plannen en go with the flow

Plannen = een schema. Een schema = moeten. Dus weeg goed af wat je van tevoren wilt plannen. Bedenk van tevoren goed wat je belangrijk vindt. In Amerika heb je bijvoorbeeld de nationale parken waar je ook kunt slapen. Die zijn super populair dus die moet je reserveren. Maakt het je niet zoveel uit en vind je het prima om ’s morgens vroeg in de rij te staan voor de ‘first come, first serve’-campings in de parken? Dan reserveer je niet.

5. Investeer in goede spullen

Tweedehands is hier je kernwoord. Kinderspullen zijn duur, maar kinderspullen voor op reis al helemaal. Onmisbaar is een kinderdrager. Zoonlief vond het heerlijk in de rugzak en genoot van de natuur om zich heen. Ook al ben je niet van plan om urenlange wandelingen te maken; voor een halfuurtje is het ook al prima. Met een kinderwagen kom je niet op de mooie plekjes. Zo’n kinderdrager is prijzig, maar tweedehands soms echt prima te doen.

Een slaaptentje is ideaal voor vakantie, maar ook thuis erg handig. Wij hadden het tentje eerst op de grond staan, maar dat werd erg koud. Boven de cabine, met spanbanden vastgezet, en hij had zijn heerlijk eigen domeintje. Tijdens lange stukken rijden ging hij er ook in. Mag officieel niet, maar hij kon nergens heen en hij vond het heerlijk. Wij zijn fan van ons Deryan. Lang leve marktplaats!

En wat je mist, koop je bij aankomst bij een Walmart.

LEES OOK: Column: ‘Jij laat mij de mooie dingen van de wereld zien&’

6. Eten: verwacht geen hutspot

Probeer af te stappen van je normale eetgewoontes. Een ander land betekent nou eenmaal ander eten. Dat vind je zelf misschien leuk, maar voor de baby is dat niet altijd handig. Onze potjes Olvarit hebben ze niet overal. Een lekker sneetje bruin brood met een plakje kaas is in Amerika daar onvindbaar of onbetaalbaar. Onze zoon heeft vier weken lang vooral brood met pindakaas en bananen gegeten en melk en water gedronken. En hij doet het nog prima.

7. Ga erop uit!

Ga dingen doen. Maak lange hikes, ga de natuur in en blijf niet teveel in en om je camper hangen, want dan ‘zie’ je het park niet echt… Kan dat dan met een baby? Er kan meer dan je denkt. Kind in de rugzak, water en eten in een andere rugzak en gaan. Het hobbelen en de frisse lucht zorgen ervoor dat kindlief lekker wegdommelt, en bij dat ene mooie watervalletje kan hij prima even een fles drinken. En wees niet te moeilijk. Stukje rijden terwijl je baby boven ligt te slapen? Kan prima. Paar kilometer hiken door het water met een baby op je rug? Als je een goede balans hebt en de Nordic Walking stokken van je ouders hebt geleend: prima te doen. Zolang jij je er goed bij voelt, kan het. En dat geldt voor alles. Geniet!

Je leest hier elke dag een verhaal van onze mama-columnisten. Nog veel meer artikelen lezen? Like ons op Facebook, dan houden we je op de hoogte.

Reageer op artikel:
Column: Dé 7 tips die je wilt lezen als je gaat roadtrippen met je baby 
Sluiten