Hoe mijn bevalling is bevallen: Marijn (34)

In deze rubriek vertellen onze columnisten de mooie, ontroerende, soms schokkende verhalen van hun bevallingen.  Langdurige en snelle bevallingen, thuis en in het ziekenhuis, met en zonder pijnstilling, keizersnedes en vaginale bevallingen: alles komt langs.

De statistieken

Wie: Marijn Schoormans (34)
Start bevalling: ingeleid
Zwangerschapsduur: 41+5
Duur bevalling: 31 uur
Plaats: ziekenhuis
Pijnstilling: ruggenprik
Manier van bevallen: spoedkeizersnede
Reden keizersnede: dalende hartslag baby
Hulpmiddelen natuurlijke bevalling: niet van toepassing
Gewicht kindje: 3695 gram

Hoe het begon

Marijn: ‘Mijn bevallingsverhaal begint een paar dagen voor de geboortedatum van Tibbe. In het weekend voelde ik hem minder bewegen, terwijl hij normaal mijn ribben bont en blauw trapte. Na een paar dagen van controles en hartfilmpjes in het ziekenhuis, bleek het uiteindelijk toch echt tijd voor onze eigenwijze man om ter wereld te komen; mijn vruchtwater was zo goed als op en zijn hartslagje was niet meer optimaal. De geplande inleiding werd dus met anderhalve dag vervroegd. Met die beslissing, ging meteen mijn geboorteplan (badbevalling met Hypnobirthing-insteek) het raam uit.

Op donderdagochtend om 10 uur kreeg ik een ballon aan een slangetje in mijn yooha en liep ik te ijsberen van de kramp die ik daarvan kreeg. Ik had constant een flinke, scherpe pijn, die af en toe sterker werd.

Veel pijn

Zo’n ballonnetje moet binnen een uur of 6 toch wel die eerste 4 centimeter ontsluiting voor elkaar zien te krijgen. De boel bleef potdicht, terwijl dat ballonnetje dus zat te vervelen, waar ik veel pijn aan had. En die constante pijn werd steeds heftiger, met daar overheen nog de ‘piekmomenten’.  De verpleegsters liepen af en toe binnen. Een daarvan vroeg me ‘Hoe gaat het met de krampen?’ En ik kon alleen maar denken: krampen!? Als dit nog geen weeën zijn, dan wil ik die echt niet meemaken.

Ik moest dus de nacht in met ballon en al. Vanaf die avond ben ik het een beetje kwijt, en is mijn verhaal dus een samenraapsel van mijn wazige herinneringen en wat manlief mij achteraf heeft verteld. We waren nu echt begonnen!

De bevalling

Het zou allemaal nog wel even duren. Daarom moest ik eigenlijk proberen te slapen, maar dat ging niet lukken met die pijn.  Ik kreeg een ‘roesje’. Daar zou ik rustig en slaperig van worden. Dat laatste klopte, maar de pijn nam toe, wat tot gevolg had dat ik in foetushouding, kreunend op bed high lag te wezen. Ik heb toen blijkbaar gevraagd om een ruggenprik. Als dat hele hypno-gebeuren toch al niet meer kon, dan ook maar ‘everything under the kitchen sink’ er tegenaan!

Maar ik kon geen ruggenprik krijgen, omdat dat roesje eerst uitgewerkt moest zijn. Ergens die nacht viel het ballonnetje er op het toilet uit, en niet lang daarna braken mijn vliezen. Het hele bed was donkergroen, wat betekende dat Tibbe in het vruchtwater had gepoept. Hij werd dus nog nauwlettender in de gaten gehouden.

Ontsluiting

De ontsluiting vorderde maar niet. De krampen waren nu toch wel echt volwaardige weeën te noemen, maar de tussentijdse pijn bleef. Geen rustmomentjes voor mij, dus! Er werd mij verteld dat ik een ruggenprik kon krijgen, als mijn roesje was uitgewerkt. Met andere woorden: als ik niet meer scheel keek. Elke keer als ze mij kwamen checken, veranderde ik dus in een dronken puber wiens ouders niks mochten merken. Erg grappig voor de omstanders.

Om 7 uur ’s morgens was het dan eindelijk feest: ik kreeg een ruggenprik! Ik werd al puffend op een bed richting de anesthesist gewheeld en daar was het eigenlijk zo gepiept. Ik voelde meteen de verlichting. De weeën waren nog wel pijnlijk, maar tussendoor kon ik tenminste een klein beetje ontspannen.

Puffen

Eenmaal weer een uurtje op de kamer vroeg een verpleegster waarom ik eigenlijk aan het puffen was. Goh. Joh. Even denken. Omdat ik lig te bevallen, misschien? Maar puffen met een ruggenprik zou eigenlijk niet nodig moeten zijn. De dosis pijnstilling ging omhoog, en ik kreeg wee-opwekkers. Het ging allemaal niet rap genoeg. Met elke wee ging Tibbes hartslagje omlaag.

Tibbes bloedwaarden moesten gemeten worden. Zou deze niet goed mee zijn, dan zou het een keizersnede worden. Inmiddels dacht ik: prima. Doe maar. Dat meten ging door middel van een krasje op zijn hoofd. En hoe doen ze dat dan? Wordt me weleens gevraagd. Nou. Via de kortste weg: benen wijd, eendenbek erin, en krassen maar. Dat was nogal een operatie en het ging ook een paar keer mis. Bij de derde poging hadden ze wat bloed op kunnen vangen. Ik zei tegen een verpleegster dat we wel vrede met een keizersnede zouden hebben. Deze mevrouw ze daarop: “Oh? Wil je nu al opgeven?” Ik had haar het liefst met die eendenbek bewerkt. Vanaf dat moment ging zij de geschiedenis in als ‘Die Kutverpleegster’.

Koorts

Tibbe bleek het nog even vol te kunnen houden, dus de cocktail aan medicatie die inmiddels door mijn lichaam gierde, werd opgeschroefd. Ik had inmiddels ook flinke koorts. Na nog een hoop checks en gerommeld daarbeneden, werd er besloten niet langer te wachten. Het ventje moest eruit. Keizersnede.

Toen ging alles razendsnel. Manlief Jorrit moest de kamer leegruimen maar moest ook mee met mij naar de OK. Ik kreeg te horen wat het plan was en voor de 800e keer moest ik vertellen wat mijn allergieën waren. Jorrit werd apart genomen en werd ook geïnstrueerd. Mijn ruggenprik werd opnieuw gezet, omdat ze het niet vertrouwden vanwege de pijn die ik had ondanks de ruggenprik. Ik werd om een heeeel smalle en koude tafel gelegd. Er werd ter hoogte van mijn ribben een groen doek omhoog gehesen. Mijn armen als een soort jezus gespreid en overal naalden en klemmetjes. Toen pas zag ik Jorrit weer. We bleven elkaar aankijken. Ik lag er compleet versuft bij, maar voelde alles. Er werd een hoop gesjord en getrokken. Ik ging flink heen en weer.

Acht minuten later

Op een gegeven moment (na 8 minuten) moest Jorrit gaan staan om te kijken. Hij slaakte een diepe, emotionele ‘oooooh’ en even later werd me ook verteld dat ik door een soort venster in dat groene doek moest kijken. Tibbe werd omhoog gehouden, met de navelstreng er nog aan. Emotieloos keek ik naar het vieze, verfrommelde minimensje. Ik vond hem meteen op Jorrit lijken, dat weet ik nog. Er werd meteen flink met hem gesjouwd. Voor de eerste checks werd hij naar een kamertje naast de OK gebracht en even later mocht ik hem even zien. Ze hielden hem onder mijn neus, maar omdat ik plat lag en er een doek was gespannen, zag ik hem niet goed. Ik lag ook te rillen en over te geven van al het getrek en gesjor. Bij de tweede check mocht Jorrit mee, die prachtige foto’s heeft geschoten. Jorrit kwam huilend met Tibbe in zijn armen naar me toe. Ik vond het mooi om zijn emotie te zien, vooral omdat het normaal zo’n nuchtere beer is.

“Dit is je zoon.”

Hoe is het bevallen?

Ik kijk niet met een goed gevoel terug op deze gebeurtenis. Nu, na zo’n 15 maanden en een aantal maanden therapie, voel ik me beter en kan ik terugkijken op de bevallingsdagen als ‘een vervelende ervaring maar noodzakelijk, en met een mooie afloop’. Daar kan ik mee leven. Mijn grootste probleem zit ‘m in de periode na de geboorte. Omdat ik zo van de wereld was van alles, heb ik de geboorte en de eerste dagen en weken niet echt bewust meegemaakt. Daardoor heb ik het niet als prettig ervaren. Niet zozeer omdat ik het me anders had voorgesteld, want ik ging er best open in, maar omdat ik van alles het gevoel had dat het buiten mij om gebeurde. Alsof het mij niet betrof. Ik heb daardoor heel lang het gevoel gehad dat ik veel miste. Ik kon niet genieten. Het duurde sowieso een paar weken voordat ik mijn baby echt leuk en mooi vond. Ik heb ook veel moeite gehad om fysiek te herstellen, zowel qua keizersnede als de extra kilo’s die er maar niet af wilden. Door dat alles, en de hoge eisen die ik stel aan mezelf en mijn nieuwe leven, belandde in ik een postnatale depressie.

Nu is mijn zoontje ruim een jaar en vind ik hem de mooiste en de leukste. Ik geniet volop van hem. Dus dat is helemaal goed gekomen. Nu ik zelf nog. Maar ik kan eindelijk, eindelijk zeggen, dat ik vertrouwen heb dat dat ook goed gaat komen.’

Wil jij ook jouw bevallingsverhaal delen? Mail ‘m naar redactie@fammebaby.nl.

Reageer op artikel:
Hoe mijn bevalling is bevallen: Marijn (34)
Sluiten