Dit gesprek liet Famme Baby’s columnist Afke sprakeloos achter

Afke Bohle 11 sep 2017 Column

Doodgewoon. Mooi woord. Vandaag voelt de dood niet ‘gewoon’. Vandaag voelt de dood groot en verpletterend. Melle zit op de bank en kijkt naar mij. Zijn vrouw is een paar maanden geleden plotseling overleden. Het leek me goed om hem uit te nodigen voor een kop koffie. Nu weet ik dat niet meer zeker. De afgelopen dagen genoot ik van de mensen die eindelijk iets durfden te zeggen over mijn nu echt zichtbaar zwangere buik. Hier, tegenover Melle, wil ik mijn buik het liefst verstoppen.

Het blijft stil als ik vraag hoe het met hem gaat. “Als ik dat eens zou weten.” zegt hij en zucht.”Vertel me liever eerst hoe het met jou gaat, de babykamer al klaar?” Bij dat laatste schiet zijn stem omhoog. Het klinkt geforceerd. Moet ik zeggen dat hij dat niet hoeft te vragen? Zal ik eerlijk antwoord geven? Ik had hem niet moeten uitnodigen. “De mensen leven in een illusie weet je dat? Ze hebben allemaal medelijden met me, maar ondertussen geloven ze dat dit hen gelukkig nooit zal overkomen. Dat dacht ik ook,” zegt hij.

Geen garanties

Het voelt zwaar in mijn maag. Ik probeer mezelf voor te stellen hoe het zou zijn, T. plotseling dood. Er komt niets. T. komt namelijk gewoon weer thuis vanavond. Ik laat hem zijn dochter voelen die koppeltje duikelt in mijn buik en ‘s avonds kruip ik lekker tegen hem aan in ons grote bed. We kijken niet naar het journaal en houden de krant nog even dicht. De toekomst is van ons.

Dat zeg ik niet tegen Melle. Ik zoek naar woorden die bewijzen dat ik me heel goed bewust ben van het feit dat ik een bofkont ben. Dat ik heus weet dat er geen garanties zijn. Nooit.

Maar die woorden passen me niet. Niet nu. Ik voel licht en blij vanbinnen. Verwachtingsvol. Ik zie Melle. Ik hoor zijn zwaarte en verdriet. “Het komt goed Melle, echt waar.” klinkt het in mijn hoofd. Wat een onzin. Ik wou dat het al avond was. Melle weg. Ik thuis in mijn cocon.

Eenzaam

Het voelt eenzaam zo hier samen. En er is niets wat ons komt redden. Een traan loopt over Melles wang. Ik bijt op mijn bovenlip. “Het voelt soms zo eenzaam,” zegt hij.

“Ja,” zeg ik en ga naast hem zitten. “Al die goedbedoelde waardeloze adviezen. Al die mensen die terugdeinzen als ze mijn wanhoop zien.” Hij haalt zijn neus op. “Ja,” zeg ik weer. Mijn hoofd lijkt gevuld met zaagsel.

Dan schopt het meisje in mijn buik zo hard dat mijn buik even uitpuilt. Melle ziet het ook. Geschrokken houd ik mijn adem in. Het voelt ongepast. Ik kijk naar mijn tenen. Melle legt een hand op mijn buik en glimlacht. Met tranen. Voorzichtig glimlach ik terug en leg mijn hand op zijn hand. We zuchten tegelijk. Het kriebelt vanbinnen. Voordat ik er iets tegen kan doen, proest ik het uit. Melle ook. Totdat we huilen van het lachen.

De koffie is koud geworden. “Volgende week weer?” vraagt hij. “Ja,” zeg ik.

Weer zo’n herkenbare column! Je leest hier vanaf nu elke dag zo’n fijn verhaal van een van onze mama-columnisten. Nog veel meer leuke artikelen lezen? Like ons op Facebook, dan houden we je op de hoogte.

Reageer op artikel:
Dit gesprek liet Famme Baby’s columnist Afke sprakeloos achter
Sluiten