Zwangerschapsdiabetes: Alles wat je er over moet weten

Ongeveer 5 tot 10 procent van de vrouwen krijgt te maken met zwangerschapsdiabetes. Zwangerschapsdiabetes is een tijdelijke vorm van diabetes, die na de zwangerschap weer overgaat. Het verdwijnt vaak binnen een dag na de bevalling. Toch zijn er een paar dingen waar je op moet letten.

Hoe ontstaat zwangerschapsdiabetes?

Tijdens de zwangerschap zorgen zwangerschapshormonen ervoor dat je lichaam tijdelijk niet goed reageert op insuline, dit is een hormoon dat de bloedsuiker regelt. Normaal gesproken maakt het lichaam tijdens de zwangerschap dan genoeg insuline aan om een overschot aan bloedsuiker af te breken. Bij zwangerschapsdiabetes gebeurt dit niet, waardoor er teveel suiker in het bloed achterblijft. Zwangerschapsdiabetes ontwikkelt zich vaak tussen de 24ste en 28ste week van de zwangerschap.

Verhoogde kans op zwangerschapsdiabetes

In de volgende gevallen is er een groter risico dat je zwangerschapsdiabetes krijgt:
– Als je voor de zwangerschap overgewicht hebt met een BMI van 30 of hoger
– Als je ooit een miskraam hebt gehad
– Als een van je ouders of broer of zus diabetes type 2 heeft
– Als je van Hindoestaanse, Turkse of Marokkaanse afkomst bent
– Als je cholesterol of bloedsuiker te hoog is
– Als je eerder bevallen bent van een baby die meer dan 4500 gram woog
– Als je eerder zwangerschapsdiabetes gehad hebt

Symptomen

Het komt vaak voor dat vrouwen niet merken dat hun bloedsuikerspiegel te hoog is. Het wordt vaak ontdekt door het bloedonderzoek van de arts of verloskundige. Als er wel merkbare klachten of symptomen zijn, dan zijn het vaak de volgende:
– veel plassen
– erge dorst en veel drinken
– vermoeidheid
– jeuk
– veel vruchtwater
– een baby die groot is voor de duur van de zwangerschap

Onderzoek

In de 24ste tot 28ste week wordt met een bloedonderzoek vastgesteld of je bloedsuiker te hoog is. Als je al eerder zwangerschapsdiabetes hebt gehad, gebeurt dit in de 16de tot 18de week. Als je baby te snel groeit voor de duur van je zwangerschap, zal er vanaf week 16 onderzoek worden gedaan. Tijdens het onderzoek drink je een suikerdrankje, vervolgens wordt het bloed gecontroleerd, dit is een glucose-tolerantietest.

LEES OOK: Deze 7 voortekenen van een zwangerschapsvergiftiging zou je niet moeten negeren

Gevolgen zwangerschapsdiabetes

Wanneer het niet behandeld wordt, kan zwangerschapsdiabetes gevolgen hebben voor jou en de baby. Als het niet behandeld wordt, blijft er suiker in je bloed achter. De baby krijgt dan via de placenta veel suiker binnen. Hierdoor gaat de baby zelf insuline aanmaken, om de suikers af te breken. De glucose wordt dan omgezet naar vet waardoor je baby te snel groeit en te zwaar wordt. Dit zorgt voor een te hoog geboortegewicht.

Een verhoogd geboortegewicht kan ervoor zorgen dat de bevalling langer duurt. Ook is er een grotere kans dat je een keizersnede bevalling moet ondergaan. En is er een kans dat de baby blessures oploopt tijdens de bevalling. De baby kan ook een te lage bloedsuiker of geelzucht hebben bij de geboorte.

Daarnaast zijn er dus ook gevolgen voor jou als moeder. De eerste tien jaar na de zwangerschap is er 40 tot 50 procent meer kans om blijvende diabetes te ontwikkelen. Verder komt zwangerschapsdiabetes bij een volgende zwangerschap bijna altijd terug.

De behandeling

Er wordt vaak een koolhydraatarm en vetarm dieet voorgeschreven om de bloedsuikerspiegel te verlagen. Als de glucosewaarde toch te hoog blijft, moet er tijdelijk insuline gespoten worden.

Hier vind je alles wat je moet weten over bloedverlies tijdens de zwangerschap.

Wil je meer van dit soort artikelen lezen? Like ons op Facebook.

Diabetes FondsKNOVThuisarts

Reageer op artikel:
Zwangerschapsdiabetes: Alles wat je er over moet weten
Sluiten